In het debat rond de toekomst van Tata Steel wordt vaak gesteld dat Tata in IJmuiden ‘schoner’ staal maakt dan fabrieken elders. Hier valt van alles op af te dingen, alleen al omdat er bij deze claim verwarring bestaat over twee verschillende soorten ‘schoon’. De één betreft Tata’s invloed op wereldwijde klimaatverandering, de ander betreft Tata’s invloed op de gezondheid van omwonenden in de IJmond. Hoog tijd om het verschil te verduidelijken.
CO₂
Die eerste categorie ‘schoon’ heeft betrekking op de uitstoot van broeikasgas koolstofdioxide, CO₂. Tata Steel in IJmuiden scoort op dit gebied relatief goed: per ton staal dat het produceerde kwam er afgelopen boekjaar 1,66 ton CO₂ vrij. Dit getal noemen we de emissie-intensiteit. De 1,66 van Tata is minder dan een groot deel van de andere fabrieken die op dezelfde manier staal maken. Dat laatste is essentieel: het gaat hier dus specifiek om alle fabrieken die staal maken via de klassieke hoogovenroute. Een gemiddelde staalfabriek met hoogovens had in 2024 een emissie-intensiteit van 2,34.
Er zijn echter ook al vele fabrieken die werken met de installaties die Tata nu wil gaan neerzetten (DRI + EAF). Deze fabrieken hadden in 2024 een gemiddelde emissie-intensiteit van 1,47. Voor fabrieken die veel gebruik maken van gerecycled staal (schroot) was dit zelfs 0,69. Dat is stukken lager dan de 1,66 van Tata Steel in IJmuiden.
Kortom: op CO₂-gebied valt niet hard te maken dat het in IJmuiden ‘schoner’ is dan op alle andere plekken.
Ziekmakende stoffen
Als we kijken naar de tweede categorie ‘schoon’ kantelt het verhaal verder. Tata Steel stoot namelijk naast CO₂ ook allerlei stoffen uit die een potentieel gevaar vormen voor mens, dier en natuur in de directe omgeving, de IJmond. Voorbeelden van deze stoffen zijn kankerverwekkende metalen en PAK’s, maar ook aanzienlijke hoeveelheden stikstof, zwavel, benzeen, lood en chroom-6. Grote delen van de fabrieken in IJmuiden stammen uit de jaren ‘70 van de vorige eeuw. Al bij opening van kooksgasfabriek 2 in 1972 waren er grote problemen met giftige uitstoot door rauwe kooks en lekkende deuren. Meer dan een halve eeuw later is deze fabriek nog steeds in bedrijf.
Staalfabrieken die een stuk recenter zijn gebouwd, produceren bij juist gebruik vanzelfsprekend ‘schoner’. Dit is het simpele resultaat van technologische vooruitgang in de staalsector. In 2018 kwam 51% van al het wereldwijd geproduceerde staal uit China. Het overgrote deel van de Chinese staalfabrieken is gebouwd na 2000. Ook in India groeit de staalsector de laatste jaren enorm. Nieuwe fabrieken daar zijn ‘schoner’, en dus gezonder voor mens en dier in de omgeving.
India
India is een van de snelst groeiende economieën ter wereld en is ook nog eens rijk aan ijzererts. Als staalproducent dus de ideale plek om zoveel mogelijk uit te breiden, ook al is er een wereldwijd overschot aan staal. Ook het Indiase moederbedrijf van Tata Steel in IJmuiden, Tata Steel Limited, heeft grote ambities om de staalproductie in India op te schalen. De precieze toekomst van hun fabriek in IJmuiden zal dit niet veranderen.
Het frame ‘als Tata Steel in IJmuiden sluit verplaatst de productie naar India’ is dus te simplistisch. Het moederbedrijf zal hoe dan ook zoveel mogelijk willen uitbreiden in India, ongeacht alle ontwikkelingen rond hun verlieslijdende vestiging aan de Noordzee.
Europese industriepolitiek
Dit artikel onderzoekt louter de claim dat de staalproductie in IJmuiden schoner is dan op andere plekken. Voor de Europese concurrentiekracht is het essentieel om ook eigen ‘schoon’ staal te maken. Het is aan beleidsmakers om effectieve industriepolitiek te bedrijven door de plaatsen te identificeren die hier het meest geschikt voor zijn. Dit zullen plekken zijn waar in potentie grote hoeveelheden hernieuwbare energie beschikbaar zijn.